Renovatie kunstgrasveld

We krijgen veel signalen waaruit blijkt dat in de markt veel vragen leven op het vlak van renovatie van kunstgrasvelden. Om te waarborgen dat het opruimen van een veld en de vervanging van infill gebeurt conform de geldende wet- en regelgeving, ontwikkelde de werkgroep renovatie van de BSNC de publicatie ‘Hoe ruim je een kunstgrasveld op?. Hierin wordt de wet- en regelgeving beschreven en een duidelijk stappenplan voor het verwijderen en afvoeren van kunstgras en/of infill.  In december 2016 verzorgde BSNC hierover een eerste publicatie. Deze had alleen betrekking op de mat. De nieuwe versie 2.0 heeft ook betrekking op de sporttechnische laag en de ondergrond. Klik HIER om de publicatie te downloaden.

Veel gestelde vragen bij renovatie van kunstgrasvelden

Daarnaast hebben we een overzicht gemaakt van de meest gestelde vragen, waarop de experts van BSNC een antwoord geven.

Vraag 1:

Waarom moet er onderzoek worden uitgevoerd, voorafgaand aan de renovatie van een kunstgrasveld?

Onderzoek moet worden uitgevoerd om enerzijds de afvoerbestemming van vrijkomende materiaalstromen vast te stellen én anderzijds om de te hanteren ARBO-veiligheidsmaatregelen te bepalen.

Vraag 2:

Welke materialen moeten worden onderzocht?

Het is noodzakelijk om zowel het infill materiaal als de sporttechnische laag te onderzoeken, zelfs als het de bedoeling is dat de sporttechnische laag gehandhaafd blijft.

Als men de sporttechnische laag niet verwijdert en men in de nieuwe mat SBR toepast, dan dient men de zinkabsorptiecapaciteit van de sporttechnische laag vast te stellen.

Voor een specificatie van de onderzoeksinspanning bij de renovatie van kunstgrasvelden verwijzen we naar tabel 1 van de BSNC-publicatie ‘Hoe ruim je een kunstgrasveld op?

Vraag 3:

Welke stoffen moet men in het onderzoek opnemen?                             

Er zijn geen vastgestelde regels die verplichten welke parameters men moet onderzoeken. In de BSNC-publicatie ‘Hoe ruim je een kunstgrasveld op? staat een voorstel voor een indicatief onderzoek dat in vrijwel alle gevallen voldoende zal zijn.

Als men de sporttechnische laag verwijdert, is het te overwegen om op die laag een uitgebreider onderzoek uit te voeren conform een AP04 partijkeuring. U beschikt dan over meer informatie over eventuele hergebruiksmogelijkheden.

Vraag 4:

Wanneer is een materiaal een bouwstof?

Het Besluit bodemkwaliteit hanteert de volgende definitie van een bouwstof: ‘materiaal waarin de totaalgehalten aan silicium, calcium of aluminium tezamen meer dan 10 gewichtsprocent van dat materiaal bedragen, uitgezonderd vlakglas, metallisch aluminium, grond en baggerspecie, in de hoedanigheid waarin het is bestemd om te worden toegepast.’

Vraag 5:

Voldoen mengsels met SBR aan de definitie van een bouwstof?

Om sporttechnische eigenschappen te realiseren, kan men mengsels van SBR met steenachtige materialen (bijv. lava) op en onder de kunstgrasvelden toepassen.  Denk hierbij aan de toepassing van SBR gemengd met lavasteen als funderingsmateriaal. Deze mengsels van SBR voldoen in de meeste gevallen aan de definitie van een steenachtige bouwstof. Het toepassen van een dergelijk (functioneel) mengsel valt daarom onder de werking van het Besluit bodemkwaliteit.

Vraag 6:

Wat als het onduidelijk is of een mengsel van SBR als bouwstof moet worden aangemerkt?

Normaal gesproken is het bij voorbaat duidelijk of een materiaal wel en niet een bouwstof is.

Bij twijfel moet de toepasser de totaalgehalten aan silicium, calcium of aluminium in het materiaal laten bepalen (conform  paragraaf 3.1 en bijlage E van de Regeling bodemkwaliteit). 

Voor de status van een aantal materialen verwijzen we naar tabel 3 van de BSNC-publicatie   ‘Hoe ruim je een kunstgrasveld op?’.

Vraag 7:

Wat moet ik met de oude kunstgrasmat?

Oude kunstgrasmatten, en ook oude kunstgrasmatten met infill, moet men beschouwen als een afvalstof en zal men moeten afvoeren naar een erkend verwerker.

Vraag 8:

Kan het resultaat van het onderzoek ertoe leiden dat men het verwijderen van de oude mat moet beschouwen als een bodemsanering?

Nee, de kunstgrasmat is geen onderdeel van de bodem en dus is het verwijderen van de kunstgrasmat geen bodemsanering.

Vraag 9:

Kan de uitslag van het vooronderzoek ertoe leiden dat men het verwijderen van de sporttechnische laag moet beschouwen als een bodemsanering?

Vaak is de sporttechnische laag een bouwstof en dan kan er dus geen sprake zijn van een bodemsanering. In de gevallen dat de sporttechnische laag niet een bouwstof is, maar grond (zie tabel 3 van de BSNC-publicatie) en het vooronderzoek wijst uit dat er sprake is van verhoogde gehaltes, dan kan er sprake zijn van een bodemsanering. Raadpleeg deskundigen en/of het bevoegd gezag om vast te stellen of de sporttechnische laag gekwalificeerd moet worden als grond dan wel bouwstof.

Vraag 10:

SBR dat óp kunstgrasvelden wordt gestrooid, wordt niet beschouwd als bouwstof. Daarom moet men bij de toepassing invulling geven aan de zorgplicht (art. 13)[1] uit de Wet bodembescherming. Wie is verantwoordelijk als er als gevolg van een toepassing van SBR op de bodem verontreiniging ontstaat?

De aanbevelingen van Vereniging Band & Milieu/RecyBEM en Vereniging VACO worden momenteel gezien als ‘stand der techniek’. Met het hanteren van deze aanbevelingen wordt in beginsel voldaan aan het preventieve aspect van de zorgplicht. Als er als gevolg van een toepassing van materialen op de bodem verontreiniging ontstaat, dan volgt uit (het curatieve aspect van) de zorgplicht dat de veroorzaker (degene die -of in wiens opdracht- de toepassing heeft gerealiseerd) verplicht is alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem kunnen worden gevergd om de verontreiniging zoveel mogelijk ongedaan te maken. Hierbij dient men op te merken dat het aan het bevoegd gezag (de gemeente) is om te beoordelen of sprake is van een juiste invulling van de zorgplicht (zowel het preventieve- als het curatieve aspect).

Vraag 11:Welke ARBO-maatregelen moet men nemen bij het verwijderen van een kunstgrasmat?

Er zijn geen standaardpakketten met ARBO-maatregelen. Een veiligheidskundige moet project-specifiek, op basis van de resultaten van het onderzoek, vaststellen welke ARBO-maatregelen men moet nemen. In veel gevallen zal het gaan om enerzijds maatregelen om stofvorming tegen te gaan en anderzijds maatregelen van persoonlijke hygiëne zoals niet eten en drinken op het werk en handen wassen vóór het eten.

Vraag 12:

Wat is de CROW publicatie 132 of CROW publicatie 400 en wanneer zijn deze van toepassing?

Momenteel wordt druk gewerkt aan een 2e herziene druk van de nieuwe CROW-publicatie 400 ‘Werken in en met verontreinigde bodem’ (planning: 1 januari 2018 beschikbaar). Deze publicatie is een samenvoeging van ‘Werken in of met verontreinigde grond’ (publicatie 132) en ‘Kabels en leidingen in verontreinigde bodem’ (publicatie 307). De nieuwe publicatie 400 presenteert een systematiek voor het bepalen van veiligheids- en gezondheidsrisico’s en de bijbehorende beschermende maatregelen bij het werken in de bodem. De publicatie 400 geeft ook richtlijnen voor de omgang met bodemvreemde materialen en/of (secundaire) bouwstoffen.

Om partijen in de gelegenheid te stellen de nieuwe publicatie 400 te implementeren, geldt er een overgangstermijn tot 1 januari 2019. Daarna wordt verwacht dat personen en partijen werken volgens de nieuwe richtlijn.

Voor meer veel gestelde vragen rondom de richtlijn werken in en met verontreinigde bodem wordt verwezen naar de website van CROW.

Vraag 13:

Wat is de status van de BSNC-publicatie ‘Hoe ruim je een kunstgrasveld op’?

De publicatie is een leidraad die dient als hulpmiddel bij het opruimen van een kunstgrasveld. Per project dient specifiek te worden bepaald welke onderzoeken daadwerkelijk noodzakelijk zijn. Raadpleeg hiervoor deskundigen en/of het bevoegd gezag om te bepalen welke onderzoeken noodzakelijk zijn.

[1]  Artikel 13 van deze wet stelt: ‘Ieder die op of in de bodem handelingen verricht (als bedoeld in de artikelen 6 tot en met 11) en die weet of redelijkerwijs had kunnen vermoeden dat door die handelingen de bodem kan worden verontreinigd of aangetast, is verplicht alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem kunnen worden gevergd, teneinde die verontreiniging of aantasting te voorkomen.’

BSNC-Kunstgras met markering
X